Nederland wil kosten waterstofnetwerk spreiden over langere tijd

Fotograaf: Robin Hoogervorst
23-09-2026

Volgens TNO-onderzoek kunnen we de netkosten van het landelijke waterstofnetwerk over een langere periode spreiden. Dan hoeven de eerste gebruikers minder te betalen. Dat staat in de Voortgangsbrief Waterstofbeleid 2026. Hierin staan ook updates over subsidies, de industrieverplichting en import.

Lagere tarieven voor eerste gebruikers waterstofnetwerk 

In de toekomst betaalt Hynetwork het aanleggen en onderhouden van het waterstofnetwerk met de tarieven die gebruikers betalen. Maar de kosten zijn hoger dan verwacht. Daardoor zouden de eerste gebruikers heel hoge nettarieven moeten betalen. Nederland wil dit voorkomen. Daarom onderzocht TNO of we die tarieven kunnen spreiden. En een deel kunnen verschuiven naar een fase waarin het netwerk meer gebruikers heeft. 

Spreiden van nettarieven is onder voorwaarden mogelijk  

Het TNO-rapport laat zien dat dit mogelijk is. In het begin kost het systeem meer dan het oplevert. Maar als in de toekomst meer gebruikers op het netwerk aansluiten, stijgen de opbrengsten en kunnen de kosten worden terugverdiend.  

Om de spreiding mogelijk te maken, zijn 2 voorwaarden nodig: 

  • Een overheidsgarantie. Als Hynetwork het geld toch niet terugverdient, betaalt de overheid het terug aan de geldverstrekker. 
  • Een begrotingsreserve. Dat is het geld dat de overheid nu al apart zet. Dit gebruiken zij als de overheidsgarantie echt wordt gebruikt. 

Op dit moment onderzoekt het kabinet de mogelijkheden daarvoor. Om ervoor te zorgen dat het model slaagt, is het belangrijk dat de waterstofvraag blijft groeien. En dat de waterstofmarkt zich blijft ontwikkelen.   

In het 4e kwartaal van 2026 informeert het kabinet de Tweede Kamer over hoe het de nettarieven mogelijk wil spreiden.  

Nieuwe subsidiekansen voor waterstof 

In de Kamerbrief staan ook nieuwe subsidies voor ondernemers in de waterstofsector. Daarnaast openen nieuwe rondes van bestaande regelingen. 

STIHWI-regeling draagt bij aan duurzame industrie 

Er is € 662 miljoen beschikbaar voor de Subsidieregeling toename van inzet hernieuwbare waterstof in de industrie (STIHWI). Deze subsidie verkleint het prijsverschil tussen fossiele en hernieuwbare waterstof. Hierdoor stappen meer industriële gebruikers over naar hernieuwbare waterstof. Dat geeft producenten en importterminals zekerheid over de vraag. En daardoor weten industriële gebruikers zeker dat er genoeg hernieuwbare waterstof beschikbaar is. 

Uit de consultatie van de STIHWI blijkt dat bedrijven de huidige regeling te ingewikkeld vinden. En de voorwaarden te streng. Daarom herschrijft de overheid de regeling.  

De overheid streeft ernaar om de STIHWI halverwege 2027 te openen.

Extra criteria moeten OWE-aanvragen succesvoller maken 

Er is € 780 miljoen gereserveerd voor de 3e ronde van de Subsidieregeling grootschalige productie volledig hernieuwbare waterstof via elektrolyse (OWE). Deze ronde krijgt nieuwe criteria. Deze helpen om beter te beoordelen of projecten haalbaar zijn. Zo hebben bedrijven die subsidie aanvragen meer kans op succes. 

De publicatie en openstelling van de 3e ronde van de OWE worden momenteel voorbereid, met als doel om deze in het 4e kwartaal van 2026 open te stellen.

OWE waterstofhubs helpt lokale waterstofondernemers 

Er is € 125 miljoen beschikbaar voor de OWE waterstofhubs. Deze subsidie ondersteunt kleine waterstofhubs die lokaal hernieuwbare waterstof produceren en gebruiken. Dit helpt ondernemers te verduurzamen als er bijvoorbeeld nog weinig duurzame energie in de omgeving is. Of als het energienet in de buurt vol zit. 

Naar verwachting opent de subsidie in het eerste kwartaal van 2027. 

IMKE biedt straks meer opties voor maakindustrie 

De nieuwe ronde van deInvesteringssubsidie maakindustrie klimaatneutrale economie (IMKE) biedt subsidieopties voor ondernemers in de maakindustrie. Zij kunnen subsidie aanvragen voor productielijnen voor het produceren van (noodzakelijke onderdelen voor) elektrolysers. En mogelijk ook voor andere waterstoftechnologieën. 

De nieuwe ronde opent naar verwachting in het najaar van 2026. 

Uitwerking industrieverplichting in volle gang 

Nederland werkt aan een verplichting voor industriële bedrijven die waterstof gebruiken. Zij moeten ieder jaar meer hernieuwbare waterstof gebruiken. In 2030 moet 4% van het waterstofgebruik hernieuwbaar zijn. Het wetsvoorstel ligt in de Tweede Kamer. De overheid werkt de details van de wet verder uit in een besluit. En neemt daarbij de reacties mee uit de consultatie. 

Het kabinet werkt eraan om de verplichting op 1 januari 2028 in te laten gaan.

Waterstof importeren uit verschillende landen 

Nederland wil waterstof importeren uit meerdere landen. Zodat er toch genoeg beschikbaar is als één land geen waterstof meer kan verkopen. Hiervoor is wel infrastructuur nodig. Zoals terminals in de havens waar waterstof(dragers) aan land komen. Op dit moment onderzoekt het kabinet welke maatregelen nodig zijn voor de aanleg van deze infrastructuur. 

In het voorjaar van 2027 krijgt de Tweede Kamer meer informatie over de mogelijke maatregelen. 

Meer informatie

Afbeeldingen

Cookie-instellingen